BLANSKO
Direct
aan het begin van het stadje worden we met borden naar ons hotel
geleid. Het blijkt echter een kilometerslange omweg door desolate dorpjes te
zijn. Later vinden we een veel kortere weg naar de stad. Het blijkt een groot
hotel uit de communistische periode te zijn, waar menige conferentie is
gehouden. Er zijn ook allerlei andere activiteiten mogelijk. Hier wordt veel
gewandeld, onder andere naar de druipsteengrotten van Sloup. Wij gaan daar niet
heen; Jos is er al eens geweest, vandaar. Ook hier valt weer op dat we zeker niet de enige Nederlanders zijn. We
komen er bekenden uit vorige hotels tegen; ze hebben allemaal bij Tsjecho Reizen
geboekt, net zoals wij trouwens. Buiten goedendag zeggen hebben we niet veel
contact met hen.
Het hotel is geen
hoogvlieger, maar ook niet echt slecht. Het is hooggelegen, maar je kunt Blansko
in het dal net niet zien. Het eten is er over het algemeen wel goed
(het
ontbijt kunnen we zelf bestellen:
dat wordt dus steeds “ham and eggs”…), hoewel Clim een keer hevig protest moest
aantekenen vanwege volkomen vervette aardappelkroketten. Als goedmakertje kregen
we na het diner een likeurtje aangeboden. Aardige geste toch? Jos bestelt der
een keer Brot Terrine: een heel zwartbrood met soep er in… Onze kamer is ruim,
eigenlijk kunnen er best vier personen op logeren. De badkamer en het toilet
zijn gescheiden, wat wel handig is. Er is een enorme kast aanwezig, ongetwijfeld
bedoeld voor gasten die langer verblijven. Op ons balkon is een nest zwaluwen
gevestigd. Als we stil zijn en zij aan ons gewend zijn vliegen ze onbekommerd in
en uit, vooral in de schemering als ze fanatiek op jacht zijn naar insecten. In een hoek ligt een hoopje vogelstront.
|
Op
een dag willen we het
stadje zelf eens gaan bekijken. Ongeloofwaardig, maar waar: we kunnen het
centrum niet vinden. Volgens de reisgids is er van alles bezienswaardig, maar
hoe we ook zoeken: geen centrum te bekennen. Het zal wel aan ons liggen: soms
hebben we gewoon een black out en zit niets ons mee.
De omgeving is wel aardig. Dit
gedeelte noemt men de Moravische karst. Het zit er vol grotten en onderaardse
rivieren in de kalksteenhoudende heuvels. Vanuit Blansko maken we een tweetal
excursies met ons Ford Kaatje: een naar het oosten toe (Kromeriz, zie volgende
pagina) en een naar het westen (Pernstein, Predklasteri en Zelena Hora). Het
zijn tochten die goed in een dag te doen zijn, tenminste als je eigen vervoer
hebt. Het openbare vervoer lijkt ons hier in deze relatieve uithoek minder goed
geregeld te zijn, maar misschien vergissen we ons wel. |
 |
 |
 |
Vlakbij ligt ook het monument van Austerlitz ....
|
....en het barok paleis van Slavkov
|

|