|
|
| |||||||||||||
![]() |
![]() |
![]() |
’s Ochtends willen we de historisch belangrijke kloosterkerk in Maria Laach bekijken, maar er is net een hoogmis met heel veel heren en een koor aan de gang. De kerkgangers zijn op hun paasbest gekleed, logisch want het is vandaag inderdaad Pasen. Er schijnt een waterig zonnetje, de kou van gisteren is alweer uit de lucht. We bekijken het kerkhof en darren verder wat doelloos rond. Het klooster kunnen we niet in en het is nog te vroeg om in het chique Laacher See Hotel koffie te gaan drinken. We lopen naar het meer, dat men in de 19de eeuw voor de tweede keer voor een stuk heeft laten leeglopen om weidegrond te winnen. We vragen ons af hoe men dat geflikt heeft. Aan de andere kant van het meer ligt een camping en kan men surfen en zeilen.
Kaart van Maria - Laach
![]() |
![]() |
We stappen in de auto en rijden het meer half rond en stoppen om een boswandeling te maken. We hopen op een fraai uitzicht over het meer, maar dat blijft uit, de begroeiing is te dicht. Het is een eenvoudige wandeling. Je kunt ook het hele meer rondlopen, maar dat is meer dan 7 kilometer en kost door het geaccidenteerde terrein zeker twee uur. Na nog geen uur zijn we weer bij ons uitgangspunt.
We rijden vervolgens naar Andernach(30.000
inwoners), een historische
stadje dat aan de Rijn gelegen is. We parkeren aan de rand van het centrum langs
de spoorbaan. We eten Chinees bij een Chinees (inderdaad) en bekijken het
stadje, dat hier en daar nog volledig intacte stadsmuren heeft. De kersenbomen
staan er prachtig in bloei, vooral langs de Rijnpromenade met zijn hotels.
Andernach heeft in het verleden veel last gehad van overstromingen, de hoogte
ervan staan op de gevels aangegeven (HW = Hochwasser). We bezoeken nog de Maria Himmelfahrt Kirche
met een mooi doopvont uit de veertiende eeuw. Vlakbij ligt een moutfabriek die
hoger is dan de kerktoren…. Koffie op een uitnodigend terras aan de markt,
waarna we weer de Vulkaneifel tegemoet rijden.
ANDERNACH |
|
|
|
![]() |
Bij het dorpje Eppelsberg gaan we nog een groeve bezichtigen. Daar won men in het verleden lava- en basaltstenen. Erg veel is er niet te zien, maar het spul is duidelijk van vulkanische oorsprong. We vinden het nog te vroeg om al naar het hotel terug te keren, zodat we nog wat omwegen door het aantrekkelijke landschap maken. Onder andere via Bad Tönnisstein bereiken we het terras van ons hotel. Terwijl Clim zich daar installeert maakt Jos nog een korte wandeling om de watermolen te verkennen, tevergeefs echter, het bouwwerk is er niet meer. Twee luidruchtige Hollandse paren komen binnen. ’s Avonds zitten ze er nog te kletsen, dat wil zeggen, vooral de vrouwen ratelen er op los. De mannen doen er het zwijgen toe. Diezelfde avond nog rijden ze terug naar hun Heimat. Wijzelf eten weer heel behoorlijk in het restaurant. De hardwerkende chef staat er bijna helemaal alleen voor.
![]() VULKANEIFEL |
![]() |

Ons "papieren" verslag