|
Benedictijner Abdij

Geschiedenis van de abdij
Het klooster werd in 1330 gesticht door keizer Lodewijk IV die ook Lodewijk de
Beier werd genoemd. De kerk werd de thuishaven voor een Mariabeeld dat de keizer
uit Pisa had meegebracht. In het begin van de 18e eeuw verbouwde men de kerk en
de kloostergebouwen. Voor kinderen uit adellijke families richtte men een
ridderschool in.
Een brand in 1740 verwoestte een groot deel van de abdij die vanaf 1745 opnieuw
werd opgebouwd. In 1803 kwam een einde aan alle religieuze activiteit. Met steun
van confraters uit de abdij van Scheyern en privéhulp konden de benedictijnen
hun activiteiten hervatten vanaf 1900.
Vanaf 1905 wordt hier middelbaar onderwijs gegeven aan een 450-tal leerlingen
(gegevens 2008) waarvan een deel in een internaat verblijft.
Een vijftigtal benedictijnen voorzien in hun onderhoud en dat van de gebouwen en
hun religieuze en pedagogische activiteiten via land- en bosbouw, een
kloosterwinkel, een brouwerij, een uitgeverij, een kaasfabriek en een hotel.
UIT ONS VERSLAG
De benedictijnenabdij van Ettal
Niet ver hiervan af in een bocht van de weg doemt ineens het enorme
kloostercomplex van Ettal voor ons op. Het klooster functioneert nog steeds, met
onder andere een bibliotheek (dicht), een gymnasium (middagpauze, de leerlingen
ravotten met een bal op het gazon) en een bierbrouwerij (deur gesloten). De
monumentale rococokerk is wel open; het is een ronde ruimte met een grote en een
kleine koepel die voor veel licht zorgen. De biechtstoelen zijn mooi en de
schilderingen zijn eveneens de moeite waard. Nou ja, eigenlijk is de hele kerk
het aanzien wel degelijk waard, maar we zijn de laatste dagen een beetje
overvoerd met barokke pracht. Als je elke dag taart moet eten is dat op een
gegeven moment niets speciaals meer. We drinken koffie op een zonnig terras
tegenover een majesteitelijk hotel onder een hoge rots. Natuurlijk met een kruis
erop, zegt Clim.


|