|
|
Blunder van JosWe werden tijdig gewekt per telefoon. Vlug pakten we alles in. Per taxi, die stonden voor het Marmara - ETAP Hotel dag en nacht gereed, reden we naar het Sirkeci - station. Jos gaf zijn laatste 150 lira aan de chauffeur als fooi. Het was acht uur. Op het station kregen we een bittere pil te slikken. De trein richting Europa zou niet om half negen 's morgens, maar om half negen 's avonds vertrekken: Een fout van Jos die een en ander niet goed verstaan en ook niet goed gelezen had. In ieder geval betekende het dat we nog 12 uur langer moesten wachten, zonder Turks geld en met een zieke Clim. Deze installeerde zich onmiddellijk in de wachtkamer in de nabijheid van een wc, terwijl Jos opnieuw geld (wat overgebleven briefjes van fl 10) ging wisselen om bij een apotheek medicijnen te kopen. |
|
|
|
Yusuf uit SchiedamToen hij terugkwam was Clim in gesprek met een Turk uit Sarimsakli bij Kayseri. Deze Yusuf sprak Nederlands, hij had jaren in Schiedam gewoond, maar werkte nu weer thuis op zijn keuterboerderijtje . Hij was blij weer eens Nederlands te kunnen praten en schepte daar ook over op tegen vrienden en familieleden die ook in de wachtzaal zaten en die hij uitgeleide deed naar Duitsland. Jos ging met deze Yusuf weer de stad in; thee drinken, sigaretjes roken en ijs eten. Nadat Yusuf afscheid had genomen (hij werd steeds vertrouwelijker en begon al te vertellen over hoeren en neuken in Maassluis) ging Jos nogmaals de stad in om wat te eten en bronwater te kopen, want dit laatste was wat Clim hard nodig had om zijn vochtverlies aan te vullen. Clim stierf werkelijk duizend doden, Jos had hem nog nooit zo pips gezien. Hij was onder een hoedje te vangen, zogezegd. Om zeven uur stond de trein eindelijk klaar. We installeerden ons direct comfortabel in een coupé voor ons alleen, eerste klas uiteraard. We namen voor de tweede keer onze medicijnen in (Jos tegen verkoudheid en bronchitis, Clim tegen diarree en buikloop) en trachtten een dutje te doen. Nog een goeie twee dagen sporen en we zouden thuis zijn, tenminste, dat dachten we in ons optimisme.
|
|
|
|
AYA SOPHIADeze Byzantijnse kerk in Istanbul stamt uit de vierde eeuw na Christus en is met zijn koepel en interieur nog steeds een van de meest indrukwekkende bouwwerken van het Christendom |
Corrupte conducteur in München - ExpressOm half negen
stipt vertrok de München - Express. Bij elk station in Thracië stopte hij
echter, wat veel tijd kostte. Een conducteur eiste een toeslag van ons. Waarom
mag Joost weten. Jos overhandigde hem wat groezelige bankbiljetten die hij als
aandenken wilde bewaren, maar dat scheen niet genoeg te zijn. Nadat we voor hem
een shagje gedraaid hadden, waren alle problemen ineens als sneeuw voor de zon
verdwenen. Om twaalf uur 's nachts waren we nog steeds in Turkije. Het
slakkengangetje van deze internationale trein was daar debet aan. |
Woensdag
3 augustus
Norse douanier sommeert ons iets, maar wat?Midden in de nacht, pas om 03.00 uur, bereikten we Kapikule, de Turks - Grieks - Bulgaarse grensplaats. Daar begonnen weer de eindeloze formaliteiten van de douane. Om 06.00 uur waren we 30 km verder, in de Bulgaarse grensplaats Svilengrad. Daar kwam een norse douanier binnen die onze paspoorten controleerde. Toen hij bemerkte dat we geen visum hadden (we zaten allebei al met DM 60 in de hand klaar om dat alsnog te kopen zoals op de heenreis mogelijk was geweest), gebaarde hij dat we onze bagage moesten openen. Daarna, liep hij weg. We dachten dat controle van de bagage een karweitje voor een andere beambte was, lieten de tassen open en bloot staan en dutten weer in, ons van geen kwaad bewust.
|
Trein vertrekt, weg paspoorten!We schoten pas wakker toen de trein zich weer in beweging zette. Die douanier had onze passen nog niet teruggegeven en bovendien hadden we geen visum! In paniek keken we naar buiten en we konden nog net een bedremmeld groepje toeristen ontwaren dat met hun bagage op het perron stond te wachten. Toe pas drong de volle waarheid tot ons door... Men had ons vergeten! Als gevolg daarvan reisden we nu illegaal en zonder enig identificatiebewijs op zak door een streng communistisch land. Illegaal door naar SofiaNa ampel overleg besloten we door te reizen naar Sofia. De conducteurs vroegen niets, onze kaartjes waren immers in orde. In Sofia aangekomen (het was inmiddels middag geworden) moesten we ons opnieuw bezinnen op wat we gingen doen. Regelrecht naar de Nederlandse ambassade om daar bescherming te zoeken? Waar was die ambassade? Hoe daar te komen zonder Bulgaars geld? Het leek ons te overhaast en we hoopten op de welwillendheid van de Bulgaarse autoriteiten. |
Alexander Nevski - Kathedraal in Sofia |
SOFIA
Ongelovige militiaAllereerst
moesten we de politie zoeken. Niemand kon ons vanwege taalproblemen helpen. Jos
nam een half uur tijd om het Cyrillisch alfabet te ontcijferen en vond toen
eindelijk een deur met het bordje militia erop. De politieagenten geloofden ons
verhaal niet en troonden ons mee naar de juffrouw van het internationale loket,
de enige persoon in het grootste station van Bulgarije die Engels en Frans
sprak. Die juffrouw had alles direct in de gaten en was voor ons een grote hulp.
De militia belde naar de grens op en hoorde daar ook hun versie, wat ons verhaal
bevestigde. Toen geloofde men ons pas. We moesten zelf maar zien hoe we daar
kwamen, we moesten in ieder geval terug naar de grens om onze paspoorten op te
halen. Die gaven ze echt niet aan de eerstvolgende
trein mee, er liep trouwens geen volgende trein. In Sofia waren we
overigens niet de enige die pech hadden. Er zat ook een West - Berlijner die met
een speciale pas op weg was geweest naar Iran. Onderweg werd hij ’s nachts in
de trein beroofd, waarschijnlijk door Oost-Duitse volksgenoten die het vooral op
zijn West-Duitse paspoort gemunt hadden. Aldus onze Duitse pechvogel. Geld op de kop tikkenEnfin, de volgende problemen doemden al weer op. Hoe moesten we geld wisselen zonder paspoort (want bij zo’n transactie moest je altijd je pas tonen) en hoeveel geld moesten eigenlijk wisselen? Hoe kwamen we aan kaartjes voor de reis, via welke weg en hoe duur waren die kaartjes Gelukkig kwamen we met enige creativiteit en vooral moeite uit die problemen. We wisselden DM 80, waarvoor we Bulgaarse leva terugkregen, kochten met behulp van topografische tekeningen en Cyrillisch geschreven plaatsnamen twee enkeltjes Sofia – Plovdiv - Svilengrad 2e klas en hadden toen nog genoeg geld over om onder in het imposante en moderne stationsgebouw (1973, prestigeobject) nog wat bier te drinken en worst te eten. Om 14.00 uur zaten we opnieuw in de trein. In plaats naar de vrijheid van het Westen reden we nu terug het schemerende Oosten in, terug naar de Turks - Bulgaarse grens dus.
|
PLOVDIVVelen weten het niet, maar Plovdiv is een mooie, oude stad die best de moeite waard is. |
![]() |
Mooie stad, afgrijselijke toilettenOm 16.30 uur kwamen we in Plovdiv aan. Het was een benauwend reisje geworden in een bomvolle coupé, bezwangerd met de zoete aroma's van goedkope Oost-Europese sigaretten. In Plovdiv kregen we pas om 19.30 uur aansluiting naar de grens, drie uur wachten dus. Dat gebeurde op een terrasje waar Jos voor het laatst aantekeningen maakte en Clim de plaatselijke toiletten aan een nader onderzoek ging onderwerpen. Walgend kwam hij terug. Wat hij daar aan onhygiënische toestanden gezien had tartte elke beschrijving. Tot zijn enkels had hij in de prut gestaan. Na zoiets gezien te hebben, beweerde hij, vond hij Turken op sanitair gebied nog propere mensen. Jos hield zijn behoeften wijselijk op. We zaten nog wat naar de meisjes te kijken (zeer appetijtelijk daar, hoe doen die het eigenlijk op zo'n smerig wc?) en aten op het stationsplein, gekoesterd door het zachte avondzonnetje, nog wat Turks brood en eieren. Het centrum is zeer bezienswaardig met zijn eeuwenoude sloppen en stegen. Ook staan er nog veel Jugendstil - gebouwen van rond 1900 toen de stad nog welvarend was.
|
![]() |
![]() |
Compartiment voor zwangere vrouwenIn de stoptrein naar Svilengrad werden we afgesnauwd door verschillende vrouwen. We hadden geen flauw idee waarom eigenlijk. Later kwam een smoezelige Bulgaarse student van de Militaire Academie bij ons zitten en hij vertelde ons in vlekkeloos Frans waarom. We hadden namelijk plaats genomen in een coupé die speciaal gereserveerd was voor zwangere vrouwen en moeders met zuigelingen. Die knaap deed trouwens erg vervelend, hij wilde allerlei cadeautjes en Jos, die hem tot vriend wilde houden (je weet maar nooit in zo'n totalitaire staat) gaf hem een gratis pen van de Rabo - bank. Clim werd door hem aan de tand gevoeld over wiskundige vraagstukken. Gelukkig hoefde hij niet al te ver te reizen en was hij al gauw verdwenen. Bij elk stationnetje stapte Clim uit op zoek naar fris water. Steeds vergeefs. Een keer vertrok de trein erg snel en moest hij een sprintje trekken om hem nog op tijd te halen. Jos stond hem vanuit het raam toe te gillen en zijn onvoorzichtigheid te vervloeken. |
Bewaakt door douaniers''Passporten, bitte.” Dat was het enige wat die douaniers in het Duits konden zeggen. Wij antwoordden: "Kein Passport. In Svilengrad, Douane, Zoll, Grenze.” Hij begreep ons niet en dacht dat wij pas aan de grens ons paspoort wilden laten zien. Hij werd kwaad en begon te schreeuwen. "Ich Douane", zei hij, wees op zijn borst en deed vervolgens een schijnaanval naar zijn pistoolholster. We hielden ons maar gedeisd. Hij maande ons mee te gaan naar zijn meerdere. Die
superieur sprak wel zijn talen, maar was te lui om zich ook maar iets in te spannen, dus
liet hij zijn ondergeschikte de kastanjes uit het vuur halen. Hijzelf zat
met zijn vadsige kont prinsheerlijk in een geblindeerde coupé zichzelf koelte toe te wuiven. We
werden verplicht bij hem te blijven zitten en in diverse talen over koetjes en
kalfjes te keuvelen. Het werd nog bijna gezellig ook... |
|
SVILENGRAD
Terug naar Turkije
|
EDIRNE
Het Bulgaarse consulaatTot negen
uur, moesten we vervolgens in het verlaten station wachten. Slapen was
onmogelijk vanwege de vele lastige vliegen en de bijna ondraaglijke hitte. Toch
maar proberen op de harde banken. Om negen uur kregen we een privé-ritje met
een busje naar Edirne aangeboden, dit dankzij kennissen die Jos met zijn Turks
had opgedaan.
|
|
WORSTELENIn Kirkpinar (nabij Edirne) worden elk jaar de Nationale Kampioenschappen worstelen van Turkije gehouden. Deze sport is erg populair in het hele land (ook in Midden - Azië trouwens, Mongolië en zo). Het evenement trekt duizenden toeschouwers. |
![]() |
Theepauze op terrasZeulend met onze bagage begaven we ons naar het centrum. Op een hoger gelegen terras tussen twee moskeeën in hielden we theepauze. We besloten in deze stad maar geen hotel te nemen om ons te kunnen wassen of om gewoon eens op een zachte matras te kunnen slapen; nee, we zouden van de situatie gebruik maken om de stad Edirne, in Byzantijnse tijden bekend onder de naam Adrianopel, waar veel aartsbisschoppen vandaan kwamen, nader te gaan verkennen. Daar kwam echter niet veel van terecht.
|
Imponerende Selimeniye MoskeeClim legde zich in de schaduw van een struik in een park te slapen en Jos zat wat te lezen, deed inkopen (brood en limonade) en ging bij een bank precies wisselen wat hij dacht nodig te hebben om de treinkaartjes (2 enkeltjes Sofia 2e klas) te kunnen betalen. In de middaguren brachten we een bezoek aan de Selimeniye Moskee, een indrukwekkend moslims bedehuis annex ziekenhuis, armenkeukens en theologische scholen, met een viertal slanke minaretten, gebouwd in de 16de eeuw door de bekende bouwmeester Sinan. De bagage vormde echter een blok aan ons been; we konden onze tassen ook nergens in verzekerde bewaring afgeven. We besloten dan ook om zo snel mogelijk weer terug te keren naar het station in Kapikule. |
|
Knokpartij in kiem gesmoordBij
het plein waar de dolmusjen verzameld waren, dronken we een paar koele pinten.
We trachtten hier onze warme flessen bier om te ruilen tegen koude. De kastelein
had echter alleen tapbier. In dit kiraathane (speelhuis, hier wordt gekaart,
getriktrakt en Turks gejokerd) maakten we aan het tafeltje naast ons de eerste
slaande herrie mee die we in Turkije gezien hebben. Jos zag het aankomen, hij
herkende de agressieve blik in de ogen van de aanvaller vanuit zijn ervaringen
met de Turkjes in zijn klas. De vechtpartij werd gesust en de vechtjas op de
stoffige straat gegooid. Niet eens met taxitariefOns laatste dag op Turkse bodem ontbeten we in een wel erg smerige lokanta. Daar zaten ook een Turkse Duitser met zijn vriend van de sportschool, sorry, fitness centre, beide in korte broek. Om zes uur konden we met een minibus naar het station. Het busje was niet vol, dus werd een hoger tarief berekend. Toen er onderweg nog mensen instapten die ook de volle prijs betaalden, begon Jos te protesteren. We hadden nog maar weinig geld, dus hij moest zuinig zijn. Hij kreeg echter geen geld terug: afspraak was afspraak. Onze medeinzittenden keken ons misprijzend aan. Zij dachten dat we rijke toeristen waren die voor een dubbeltje op de eerste rij wilden zitten. KAPIKULEUren afzien zonder drinkenOp
het station aangekomen kocht Jos direct de enkeltjes Sofia, waarna we ons weer
in de wachtkamer installeerden. Daar was het niet uit te houden van de hitte.
Nergens was het uit te houden: niet in de pergola onder het Atatürk borstbeeld,
niet op de banken buiten, nergens was schaduw te bekennen. Tot overmaat van lamp
had de waterpomp het begeven, zodat we ook verstoken bleven van fris water. We
leden echt dorst. Op het station liep nog een eenzaam dolende ziel rond. Een oudere
Turkse vrouw, in Zwitserland wonend, was er gestrand en wist in haar wanhoop
niet meer wat te doen. Ze zat er al dagen zonder enige hulp. Een
nieuwe dag brak aan. We voerden lang gesprek over religie met een
spoorwegbeambte. Daarna verveelden we ons weer dodelijk. De waterpomp werd niet
meer hersteld en we bleven blauwbekken. Jos legde zich in een moeilijke houding
op ’n klein zitbankje te slapen en, verdomd als het niet waar is is, het lukte
hem ook nog. Clim was jaloers en kwam regelmatig kijken of hij nog lag te
ronken. Vrijdag
5 augustus
Contacten in de treinToen ons geduld lang genoeg op de proef leek gesteld, verscheen eindelijk de trein. Hij zat bomvol, zodat we genoodzaakt waren op de gang te blijven zitten. Daar hadden we vrede mee, daar we wisten vanaf Sofia weer een 1e klas - coupé te mogen bezetten. We keuvelden wat met een aardige Duitse, die naar haar Turkse aangetrouwde familie in Denizli op vakantie was geweest, en een Turk uit Keulen. De vrouw gaf ons een fles cola om onze dorst te lessen. Die ging er in als pils, maar Clim was zo verstandig om de inhoud te rantsoeneren. Om zes uur was de trein nog niet weg. Jos liep maar weer eens het perron op en kwam in contact met een sandwichverkoper uit Kayseri. Hij peuterde hem met wat losse Duitse munten twee sandwiches los en ging toen met deze sympathieke, rondreizende neringdoende ergens thee versieren. Dit lukte bij de douane. Daar stonden nog enkele Turkse jongeren uit Delft, ook berooid, wachtend op familieleden die hen zouden komen afhalen. Om zever uur was de trein in Bulgarije. De douane was nu poeslief. We zaten op het gangpad en hadden weinig te missen. Af en toe maakten we een praatje met wat Turkse kinderen; we hadden de indruk dat die blij waren dat ze eindelijk weer eens Duits of Nederlands konden praten.
|
EERSTE
KLAS
Hamid uit Beiroet
Aanslag op Paus oorzaak van onze visumproblemenHij vertelde ons ook dat sinds 1 mei dat jaar een nieuwe wet van kracht was geworden, waarin buitenlanders verplicht werden in het land van herkomst bij de inreis in Bulgarije een visum aan te schaffen. Dit was een antwoord op de beschuldigingen in de Westerse pers als zou de Bulgaarse geheime dienst de hand hebben gehad in de mislukte aanslag op de Paus in 1982. (De Turk Mehmet Agca zou door hen ingehuurd zijn.) Indirect heeft de Westerse pers ons dus al die visumproblemen in de maag gesplitst: In Belgrado namen we hartelijk afscheid van onze Libanese gast. Hij voegde Jos nog toe dat Holland gezien de vrijheid van meningsuiting en de algemene sociale voorzieningen meer communistisch was dan Bulgarije, iets waarmee ik van harte kon instemmen. BELGRADO
Bijna terug in het westenIn Belgrado ging Jos op zoek naar eten en drank. Hij wilde betalen met klinkende West-Duitse munt, maar de Joego's gaven hem overal nul op het rekwest: ze accepteerden geen marken. Met lege handen kwam hij terug, ontdekkend dat de coupé nieuwe gasten had gekregen, en wel een Bosschenaar met zijn Joegoslavische vriendin. Tot in München bleven we bij elkaar. We kregen niet echt hoogte van het stel. De Joegoslavische was in Nederland gastarbeidster en had zoveel geld gespaard dat zij in haar vaderland een huis had kunnen laten bouwen. Het probleem was echter de bewoning, zo begrepen we. Volgens ons was de Brabander slechts haar oppasser en niet haar verloofde of amant.
|
's Nachts door de AlpenIn Oostenrijk kwamen we pas laat aan. Ook nu was dit weer te wijten aan oponthoud in het Joegoslavische eindstation Ljubljana. Op dit station zaten eindelijk weer eens de westerse trekkers, tokkelend op hun gitaar en zuipend in hun slaapzak. Veel Oosterse trekkers (Oost-Duitsers met lange manen en blonde baarden, Noord - Koreanen) konden we signaleren in Sofia.
Duitsers, van welke kant dan ook,
fungeren in het Oostblok op precies dezelfde manier als bij ons in het westen.
Je komt ze overal tegen, herkent en hoort ze uit duizenden en vertonen immer
(nou ja, uitzonderingen daargelaten) de arrogantie van het kapitaal. Waarlijk,
zij beginnen Amerikanen in het buitenland op reis wat betreft onuitstaanbaarheid
naar de kroon te steken. |
|
MÜNCHEN
Zaterdag
6 augustus
Eindelijk waar voor ons geldAan de
grenzen hadden we geen enkele last meer. Waarom ook? In Oostenrijk was het
regenachtig en hier en daar mistig. Van natuurschoon viel weinig te genieten. Om
half twee kwamen we pas in München aan. Onze volgende aansluiting zou pas om
15.00 uur kunnen; de Nymphenburg naar Essen, via Keulen dus, waar we eruit
moesten. In de tussentijd dronken we aan een stalletje een halve liter, aten een
fikse ''Bockwurst" en kochten we wat lectuur voor onderweg. De eerste klas
was zeer riant. Eindelijk waar voor ons zuur verdiende geld! Tot Keulen verliep
de reis voorspoedig. Daar aangekomen moesten we echter sprinten om de boemel
naar Mönchen - Gladbach te halen. Stranden in zicht van haven?Alles bleek echter tevergeefs. Het was al tien uur toen we in Mönchen - Gladbach aankwamen; te laat om een aansluiting naar Krefeld of Venlo te krijgen. Een busverbinding met Roermond of Elmpt (dan konden we een taxi pakken) was er ook niet. Dit betekende dat we na vijf dagen onafgebroken (nou ja) reizen in het zicht van de haven moesten stranden: Wat nu gedaan? De oplossing lag voor de hand, iemand in Roermond bellen en vragen of hij/zij ons zou willen komen halen. Die 25 km is niet zo veel. Jos sloeg wat muntjes in en belde zijn ”abi” (Turks voor oudste broer) Corné. Die was gelukkig thuis en toonde zich verheugd zijn broers uit de brand te kunnen helpen. Terwijl hij op weg was verpoosden we ons in een flippercentrum en in een café. In dit laatste kwam Corné om kwart over elf aan, veel vroeger dan we verwacht hadden. We dronken nog wat echt Duits (en dus lekker) bier voordat we opstapten. Binnen een half uurtje waren terug in Limburg (nee, niet in Holland). Rond een uur ‘s nachts waren we thuis. In onze wijk de Kapel in 't Zand was kermis. Nu waren we echt thuis dus. |
|