|
|
|
MEER INFO CÓRDOBA / FOTOCOLLAGES 1 EN 2 MESQUITO
Ik denk dat Paco mij maar een rare snuiter vindt, of misschien heeft hij wel met mij te doen. Altijd alleen en geen vrouw die voor hem zorgt. Tjonge, die 'holandés' is bepaald beklagenswaardig... Over het algemeen genomen zijn de jonge Maria's in dit, ooit volledig door de clerus geregeerde land uit een heel ander hout gesneden dan de Maria van Paco. Ook op andere gebieden evolueert en emancipeert Spanje zich. Zo zie ik twee nonnetjes de trein instappen, ze zijn duidelijk op zoek naar een rokerscoupé. De een draagt een uitpuilende plastic zak van El Corte Inglés (een soort Spaanse V&D), terwijl de ander haar spulletjes meezeult in een canvas sporttas van het semi -modieuze Adidas. En wat te denken van de bebaarde padre die, zijn blote voeten in sandalen gestoken, op het perron tegen een pilaar staat geleund. Hij is op zijn gemak bezig met het wisselen van een cassette in zijn walkman....
De bovenstaande twee voorvallen registreer ik op mijn terugreis per trein van Córdoba naar Sevilla. Op de heenreis maakte ik gebruik van de bus. Om half zeven stond ik al met behulp van het wekkertje op eigen kracht op. De bus vertrok precies om half acht; ze leren het zo langzamerhand wel die Spanjolen! De steden hier doen echt niet onder voor Nederlandse steden zoals bijvoorbeeld Eindhoven, laat staan Roermond. Vooral de jeugdigen vormen de stoottroepen die aansluiting met de rest van Europa moeten bewerkstelligen. Door een vlak landschap rijdend bereik ik de oude stad Córdoba, in de middeleeuwen een middelpunt van kunsten en wetenschappen met zo'n miljoen inwoners, voornamelijk Moorse Arabieren, maar ook Joden en Christenen. Via de voormalige Joodse wijk Juderia, waarin ik de Zoco en de Synagoge bezocht, kwam ik bij de Mesquita, een uitgebreide moskee met duizend pilaren, temidden waarvan men nota bene een Kathedraal heeft gebouwd. Het was erg indrukwekkend, vooral de afmetingen imponeerden me. De talloze bezoekers vielen in die immense ruimte volledig in het niet. Ik kon ternauwernood de entree betalen, met mijn laatste muntjes kreeg ik toegang tot de klokkentoren die door een oud echtpaar werd beheerd. Het waren slimme oudjes, in plaats wisselgeld moest je ansichtkaarten uitkiezen, zo sneed het mes voor hen aan twee kanten.
In de straatjes en steegjes rond de Mesquita kon je overal gemakkelijk geld wisselen. Ik gebruikte er Eurocheques voor. Van daaruit bezocht ik het nabijgelegen Alcazar, een prachtig bolwerk met fraaie tuinen en waterpartijen (zie foto's hierboven). Ik had er een gesprek met een oud - Civil War (Spaanse Burgeroorlog) strijder uit de States die namens zijn Joodse vriend foto's kwam maken van de kazematten (die overigens inmiddels waren opgeruimd). Mooi uitzicht op de Romeinse brug over de rivier. Ook over het stadje zelf had ik een goed uitzicht. Het is erg toeristisch ingesteld, vooral gericht op Amerikanen (bijv. “Citicorp credit cards accepted”, dat zie je in Europa niet vaak), maar de touringcars dienen buiten de stadsmuren te parkeren. De slingerende straatjes zijn allen zonder uitzondering goed aangeveegd.
Ruim na het middaguur stak ik de bijna droog staande rivier de Guadalquivir (dezelfde als in Sevilla, hier begint de bovenloop ervan) via de Romeinse boogbrug over. Aan weerszijden van de brug ligt aan een oever de Arco de Triunfo, aan de andere oever sluit de Torre de Calahorra de toegang tot de stenen brug af. Ik bleef maar even aan de overkant. Eenmaal terug in het centrum zette ik mijn voettocht voort, echter niet na in een winkeltje brood, kaas en bier te hebben gekocht. Jammer genoeg had ik slechts de beschikking over een kaart met een te grote schaal, waardoor ik regelmatig op mijn schreden moest terugkeren omdat ik verkeerd liep. Ook de straataanduidingen van al die steegjes en slopjes lieten te wensen over. Ik bezocht de Posada del Potro (met het Museum van Schone Kunsten, heerlijke patio), de kerk van San Pedro (waar ik een tijdje op een muur gezeten uitrustte), de verwaarloosde Plaza de Conas (Corridera, geheel omsloten plein waar vroeger de stierengevechten plaatsvonden), de kerk San Pablo (met prachtige, uitbundige gevel; helaas dicht) en het modernistische stadhuis (sloeg in deze historische plaats als een tang op een varken). Vergeefs zoek ik naar het paleis de la Merced en de Deputación, waarbij ik toevallig op een aantal onbekende zuilen stuit, waarvan de herkomst tot mijn verbazing in geen enkele reisgids duidelijk wordt gemaakt.
Ik sla een tijdje een bedreven verkeersagente gade, bekijk de etalages van een stel reisbureaus en informeer naar de vertrektijden van de bus naar het antieke stadje Ithalica. Door toeval ontdek ik de halteplaats van de bus naar het vliegveld, slenter doelloos langs de rivieroever waar ik getuige ben van een kakofonische repetitie van een jeugdfanfare. Verder drink ik koffie en bier in een kroeg waar ik tevens de pas gekochte boekjes over Córdoba doorblader. De rest van de avond breng ik door in de studentenwijk. De prijzen voor bier variëren daar van 70 ptas (kroeg voor havelozen en uitschot) tot 120 ptas (bodega voor de studentikoze jet set, beautiful young people tussen de 20 en 30 jaar, waartussen ik me nogal misplaatst voelde). Mijn laatste pint dronk ik bij Paco ("die presentatrice stelt zich aan en die politicus is zo corrupt als de pest, dat weet iedereen, ja toch?"). Terwijl ik mijn voeten aan het verzorgen ben (pootje baden in de wasbak), valt in mijn hotel 6 keer achter elkaar het licht uit. Op mijn vraag wat er eigenlijk aan de hand is, ("Que pasa?") antwoordt don Pedro mompelend iets van "automatico". Voor ik om half een ga slapen lees ik met rode oortjes in de reisroman van Redmond O'Hanlon "Tussen Orinoco en Amazone". Wat kan die man meeslepend schrijven! FOTOCOLLAGE 1 MESQUITAMEER INFO CORDOBA
Cordoba was vroeger de hoofdstad van een machtig kalifaat, een stad die zich helemaal richtte op kunst en wetenschap.
|
|
|