|
Ga naar de:
FOTOPAGINA AACHEN / AKEN!
ACHTERGRONDINFORMATIE AACHEN
Aken (Duits:
Aachen, Akens dialect: Oche,
Frans:
Aix-la-Chapelle) is een stad in de
Duitse deelstaat
Noord-Rijnland-Westfalen, met een inwonertal van ruim
257.000 (eind
2004).
De stad ligt dichtbij de grens met
Nederland en
België, vlakbij het
Limburgse
Vaals
en in de buurt van het
Luikse
Kelmis (La Calamine); voorts ligt Aken ongeveer 65 km ten
westen van de Duitse stad
Keulen.
Ten zuiden van Aken begint de
Eifel.
Aken is een stad met een lange geschiedenis en een
beroemde
dom. Het is tevens een
industrieel centrum in een
steenkoolgebied en een belangrijk
spoorwegknooppunt met aansluiting op de
hogesnelheidslijn (Thalys).
Het vliegveld van Aken,
Maastricht Aachen Airport, ligt op Nederlands grondgebied,
zo'n 30 km van de stad, nabij het Limburgse
Beek. De
Technische Hogeschool Aken (RWTH, Rheinisch-Westfälische
Technische Hochschule) is een van de belangrijkste
technische universiteiten, speciaal voor werktuigbouwkunde,
auto- en productietechniek. Een onderdeel vormt het
Klinikum Aachen, dat het grootste in één enkel gebouw
gevestigde
ziekenhuis van
Europa is.
Geschiedenis
De
Romeinen noemden de hete
zwavelbronnen in deze omgeving Aquis-Granum, naar de
Romeinse generaal Granus. Sinds de
Romeinse tijd zijn deze hete
bronnen gekanaliseerd en veranderd in geneeskrachtige baden,
die nog steeds in gebruik zijn. Âh, is een Oud-Germaans
woord, verwant aan het Latijnse aqua, dat
water
betekent. In
Franssprekende delen van het voormalige
Romeinse Rijk veranderde dit in Aix. Zo is de Franse
naam van Aken Aix-la-Chapelle. Dit vindt men ook terug in
de namen van andere Romeinse
kuuroord, zoals
Aix-en-Provence en
Aix-les-Bains.
Na de Romeinse tijd was deze plek verlaten
tot de
achtste eeuw, toen het vermeld werd onder naam Aquis
villa. In het jaar
768
kwam
Karel de Grote voor de eerste keer naar Aken. Hij hield erg
van deze plek en begon hier twintig jaar later een
palts te bouwen. De magistrale
kapel van dit paleis vormt tegenwoordig de kern van de
Dom van Aken. Om te kunnen genieten van de hete
geneeskrachtige bronnen, verbleef Karel de Grote tussen het jaar
800
en tot zijn dood in
814
de meeste
winters in Aken. Na zijn dood werd hij bijgezet in de kapel,
waar zijn
tombe nog steeds te vinden is.
In
936
werd
Otto I tot
koning gekroond in de Dom. Vanaf dat moment werden gedurende
600 jaar de koningen en keizers van het
Heilige Roomse Rijk in Aken gekroond. De laatste was koning
Ferdinand I in
1531.
Tijdens de
Middeleeuwen was Aken een van de grootste steden van het
rijk. Daarna had het nog slechts een regionale betekenis.
In
1880 had Aken een inwoneraantal van 80.000. Meerdere
belangrijke spoorwegen kwamen hier bij elkaar. Aken werd
hierdoor een
industriestad, waar onder andere
spoorstaven,
spelden,
naalden,
knopen,
tabak,
wol-
en
zijdeproducten geproduceerd werden.
Nadat Aken zwaar beschadigd was geraakt in de
Tweede Wereldoorlog, was het de eerste Duitse stad die door
de
geallieerden bevrijd werd van het
nationaal-socialisme. Het was ook de eerste Duitse stad waar
na de oorlog weer een
dagblad verscheen.
Sinds
1950
reikt de stad de jaarlijkse
Karelsprijs uit aan mensen of instituten die uitzonderlijk
werk hebben verricht voor het Europese verenigingsproces. In
2003
werd de medaille uitgereikt aan de
Franse oud-president
Valéry Giscard d'Estaing. In
1996
werd de medaille aan
Koningin Beatrix uitgereikt.
Hoewel het paleis van Karel de Grote niet meer bestaat, is de
Dom nog steeds de belangrijkste attractie van de stad. Na de
verbouwing was het voor 400 jaar de grootste
kerk ten noorden van de
Alpen.
De tombes van Karel de Grote en
Otto III bevinden zich in deze kerk. De Dom van Aken was het
eerste Duitse monument op de
Werelderfgoedlijst van de
UNESCO.
Sport
Bekende Akenaren
Geboren in Aken
Elders geboren, maar in Aken gewoond
MEER INFO
(uit Encarta encyclopedie)
Aken (Duits en Eng.]: Aachen;
Fr.: Aix-la-Chapelle), stad in Duitsland, deelstaat Nordrhein-Westfalen,
met 247.113 (1997 reëel) inw. De stad ligt nabij de Nederlandse en de Belgische
grens in het dal van de Wurm.
Aken is een belangrijk onderwijscentrum (o.m. een Technische Hogeschool met
medische faculteit, hogere beroepsopleidingen, bisschoppelijk seminarie), tevens
industriestad (textiel, fabricage van naalden, machines, apparaten,
elektrotechnische, voedings- en genotmiddelenindustrie, o.m.
chocolade).Vliegveld Maastricht-Aachen Airport bij Beek in Nederland. De vroege
ontwikkeling tot Kurort dankt Aken aan de warme zwavelhoudende bronnen (meer dan
70 °C), heilzaam voor ischias, reuma, huid- en hartaandoeningen. Badinrichtingen
bevinden zich ook in het stadsdeel Burtscheid, dat in 1897 bij Aken werd
gevoegd. De stad heeft een belangrijke culturele functie. Jaarlijks (sedert
1950) verleent het stadsbestuur de Karel de Grote-prijs (Karlspreis) aan
personen die zich verdienstelijk hebben gemaakt voor de eenwording van Europa.
Bekend is het jaarlijkse internationaal concours hippique, gehouden op de
Turnierplatz in het Soerstal, even buiten de stad. Naast de schatkamer van de
Dom, de rijkste van Duitsland, met o.m. een beroemd Lothariuskruis uit ca. 1000,
reliekschrijnen en ivoren, verdienen vermelding het Suermondt-Ludwig-Museum, met
Neder-Rijnse en Zuid-Duitse beeldhouwkunst, vroege Vlaamse en Noord-Nederlandse
schilderkunst en moderne kunst, het Couven-Museum met o.m. een meubelcollectie (Akense
kasten), en het Internationale Zeitungsmuseum.
Aken werd tijdens de
Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd; een groot aantal oude kerken en andere
waardevolle bouwwerken werd geheel vernietigd.
Veruit het belangrijkste monument is de Dom. De kern hiervan wordt gevormd door
de achthoekige ‘Pfalzkapelle’ van Karel de Grote (796–805), bestaande uit een
centraalbouw (de oudste in Noord-Europa), met omgang en galerij en uit een
westwerk– het belangrijkste voorbeeld van Karolingische bouwkunst. In de voorhal
bevinden zich bronzen deuren uit de 9de eeuw. In de 14de en 15de eeuw werden
diverse kapellen aangebouwd, alsmede het rijke gotische koor (1355–1414). Onder
de koepel van het Karolingische gebouw bevindt zich een beroemde koperen
kroonluchter, door Frederik I Barbarossa geschonken. Het Karolingische
hoofdaltaar heeft een gouden antependium (1010–1020, ‘Pala d'oro’), een
belangrijk overblijfsel van Ottoonse goudsmeedkunst. In de koorafsluiting staat
het Karlsschrein (1200–1215, verguld zilver en geëmailleerd koper) met relieken
van Karel de Grote. Van de vele kunstwerken in de Dom worden hier nog vermeld de
marmeren troon van Otto I, de ambo van Hendrik II, een met o.a. ivoren reliëfs
en edelstenen versierde kansel, in 1014 door de keizer geschonken, voorts het
fraaie Karolingische bronzen hekwerk dat de galerij afsluit en de marmeren zgn.
Proserpina-sarcofaag uit de 2de eeuw, waarin aanvankelijk stoffelijke resten van
Karel de Grote hebben gerust.
Van de overige historische kerken in Aken is de romaanse St. Foillan het
bekendst ( ‘Schöne Madonna’ uit 1411).
Het raadhuis van Aken (gerestaureerd) is in de 14de eeuw gebouwd op de plaats
waar zich de ‘palts’ van Karel de Grote bevond; van de palts is de Granusturm
bewaard gebleven. In het raadhuis o.m. de barokke ‘witte zaal’ met Italiaans
stucwerk uit 1725 en de kroningszaal met 19de-eeuwse fresco's van Alfred Rethel,
die deels bewaard zijn gebleven. Het Grashaus, het vroegere raadhuis en thans
stadsarchief, werd in de 13de eeuw gebouwd. Van de 14de-eeuwse stadsomwalling
zijn enkele torens en twee poorten (Marschiertor en Ponttor) bewaard gebleven.
De Fronleichnamskirche uit 1930 van Rudolf Schwarz is een belangrijk en destijds
zelfs sensationeel voorbeeld van kerkbouw in de stijl van de Nieuwe
Zakelijkheid; de Pädagogische Akademie (1958, Bertram en Lang), het Bischöfliche
Generalvikariat (1958, Schobert) en de wijk rond de Technische Hogeschool zijn
interessante voorbeelden van naoorlogse architectuur.
Aken was reeds in de
Romeinse tijd een belangrijke nederzetting wegens de daar voorkomende warme
bronnen van zwavelhoudend water en door zijn ligging aan de handelsweg van
Keulen naar het westen. Aan zijn bronnen ontleende het ook zijn naam: Aquae
Grani of Aquisgranum, wellicht naar de Keltische god Grannus, die bij
dergelijke bronnen (aquae) werd vereerd. Alle Merovingen hadden er een
residentie. In 765 verbleef Pippijn, koning van de Franken, in de stad. Van
groot belang werd de stad, doordat Karel de Grote er in 778 de Karolingische
palts bouwde, die zijn meest geliefde residentie werd. Aken werd het centrum van
de Karolingische cultuur. De keizer verhief de stad tot hoofdstad van zijn rijk
ten noorden van de Alpen. Vanaf zijn zoon, Lodewijk de Vrome tot Ferdinand I
werden bijna alle keizers in Aken gekroond (30), totdat de stad in 1531 die eer
moest afstaan aan Frankfurt. In de middeleeuwen was Aken een vrije rijksstad
(sinds 1336), met wol- en lakenhandel, zetel van talrijke Rijksdagen, die haar
voornaamste voorrechten kreeg in 1175. In 1520 werd Karel V in Aken gekroond. In
de tijd van de Contrareformatie werd Aken door de rooms-katholieke standen in
het rijk veroverd, terwijl het bestuur tot dusver in handen van de protestanten
was geweest (1598). In 1656 werd de middeleeuwse stad grotendeels door brand
verwoest. Sedert de 17de eeuw waren er verschillende vredescongressen. Na de
Napoleontische tijd werd Aken door het Congres van Wenen in 1815 een deel van
Pruisen. Op 21 okt. 1944 werd de stad, reeds lang tevoren mikpunt van zware
luchtaanvallen, als eerste grote Duitse stad door de Amerikanen veroverd.
AKEN
Voor ieder wat wils in Aken
Door NILS ELZENGA (Uit: Algemeen Dagblad,
Een eeuwenoud, autovrij en gemakkelijk beloopbaar centrum
met vriendelijke mensen: Aken ademt gemoedelijkheid. Maar de stad, op
fietsafstand van het drielandenpunt, is ook verrassend hip.
De nummers tussen haakjes
in de tekst corresponderen met de nummers op deze
kaart van Aken.
WAAROM NU?
Het voorjaar breekt aan in terrasjesparadijs Aken. Het historische centrum,
verboden voor auto’s, verandert elke lente in één groot openluchtcafé.
Bourgondisch genieten van koffie en vlaai met uitzicht op een van Europa’s
mooiste kerken, de Dom van Aken (4).
HOE KOM JE ER?
Aken is het gemakkelijkst bereikbaar per trein. Vanaf NS-station Heerlen rijdt
de ‘Regionalbahn’ elk halfuur naar de stad, een landschappelijk mooie rit van
twintig minuten (3,90 euro) langs pittoreske dorpjes. Vanaf station Aken is het
tien minuten lopen naar het centrum.
OVER DE STAD
Akens aantrekkelijkheid schuilt in het stadscentrum. Miraculeus genoeg
overleefde een groot deel van de historische pracht van de binnenstad de
verwoestingen van de Tweede Wereldoorlog, terwijl liefst 68 procent van Aken –
voor de geallieerden een belangrijke toegangspoort tot het Derde Rijk - werd
platgebombardeerd.
Middelpunt is de majestueuze Domkerk, waaromheen zich een netwerk van steegjes,
straatjes en pleintjes vol bezienswaardigheden ontvouwt, die deels teruggaan tot
het tijdperk van de Romeinse overheersing.
Praktisch alle attracties bevinden zich op loopafstand van elkaar. Zo is vanaf
de achterzijde van het stadhuis (6) – gebouwd op de fundamenten van het oude
keizerlijk paleis – de Dom op steenworp afstand. Hier, aan het serene Katschhof,
groeit en bloeit de kruidentuin van Karel de Grote.
OVERNACHTEN
Aken barst van de overnachtingsmogelijkheden. Logeren in het stadshart is
uiteraard het leukst. Een zeer charmante optie, pal aan het marktplein, is
Drei Könige (11). Dit gezellige hotel heeft ruime tweepersoonskamers voor
119 euro, inclusief ontbijt met uitzicht over de stad. Wie echte luxe
prefereert, boekt bij het immense
Hotel Quellenhof (12), vijf minuten lopen van het centrum. Een nacht in de
goedkoopste kamer kost hier 290 euro. Zie voor een overzicht van alle logementen
in Aken
aachen-tourist.de.
KUUROORD
De aan badderen verslaafde Romeinen ontdekten Aken als kuuroord. Op de
mineraalrijke warmwaterbronnen (tot 74 graden Celsius!) die onder Aken liggen,
bouwden ze liefst 120 militaire badhuizen, waar gewonde legionairs herstelden.
Eeuwen later enthousiasmeerde het helende vocht Karel de Grote zodanig, dat de
keizer Aken tot hoofdstad van zijn Heilige Roomse Rijk promoveerde en er de
laatste twintig jaar van z’n leven sleet.
Tegenwoordig is het bekendste badhuis de Carolus Thermen (19). Deze
onthaasthemel aan de rand van Akens stadspark, op een (groene) tien minuten
wandelen van de Dom, herbergt een keur aan bubbel-, damp- en stoombaden,
massagesalons en sauna’s – evenals ‘gewone’ geneeskrachtige baden. Een echte
aanrader.
FONTEINEN
Aken is beroemd om haar vele fonteinen. Bij de statige Elisenbrunnen (1), waar
ook de VVV huist, borrelt 50 graden warm water vanaf drie kilometer diepte
omhoog. Het zwavelgehalte is fors en dat is te ruiken: rotte eieren! Desondanks
wordt proeven aangemoedigd - dichter Petrarca en vrouwenversierder Casanova,
onder vele anderen, gingen u voor. Overigens: de Carolus Thermen heeft het
riekende goedje natuurlijk netjes gefilterd.
Markant zijn ook de Puppenbrunnen (17) aan de Krämerstraße, een kunstzinnige
fontein die volhangt met poppen. Elke pop staat symbool voor een aspect van
Aken.
WANDELINGEN
De beperkte omvang en hoge monumentendichtheid maken van Aken een puike
wandelstad. De route ‘Kaiser Karl führt durch Aachen’ is een mooie tocht die
begint bij de Elisenbrunnen en langs de meeste bezienswaardigheden voert. Volg
de ‘R’ op de Karel de Grote-emblemen die zijn aangebracht op het plaveisel.
LOKALE LEKKERNIJEN
Elke zichzelf respecterende Akense banketbakkerij - en dat zijn er veel -
verkoopt dé plaatselijke deegspecialiteit: de Print, een kruidkoek die sterk aan
taaitaai doet denken. Een goed adres is Nobis (18) op de Münsterplatz. Vooral de
met chocolade overgoten printen zijn erg lekker.
Over chocolade gesproken:
The Chocolate Company (2) schenkt de beste chocolademelk van de stad: een
blokje echte cacao naar keuze, gesmolten in hete melk. Akenaars zijn, evenals
hun Limburgse buren, echte vlaaifanaten. In het oergezellige, uit donker hout
opgetrokken, Café Leo van den Daele (3) proeft u waarom. Smullen.
ETEN
Akenaars eten het liefst ‘eenvoudig doch voedzaam’: gebakken bloedworst met
zuurkool of varkensvlees met aardappelpuree en rode kool. Echte ‘couleur locale’
biedt Am Knipp (10) – sinds 1695: hier prikken buurtbewoners zelf een vorkje. En
op zaterdagavonden bezingen Alemannia Aachenaanhangers de voetbalwedstrijd in
het knusse etablissement, waar twee eeuwen oud tegelwerk de sfeer bepalen.
In de categorie ‘chique’ wint de stijlvolle Ratskeller in de gerestaureerde,
ruwstenen gewelven onder het stadhuis de hoofdprijs. Hoofdgerechten vanaf 20
euro, glazen wijn vanaf 6,50 euro.
MUSEA
Wie wil weten hoe Akenaars in vervlogen tijden woonden, moet richting
Couven Museum (7). Genoemd naar de bekendste Akense architectenfamilie van de
18de eeuw en gevestigd in een statig herenhuis aan de Hühnermarkt. Verderop
biedt het Suermondt- Ludwig-Museum (8) onderdak aan een collectie schilderijen,
vooral van Hollandse meesters uit de Gouden Eeuw. Ook te bezichtigen is een
scala aan middeleeuwse kerkbeelden.
DOM EN DOMSCHATZKAMMER
De uitzinnig versierde gouden kist met het gebeente van Karel de Grote is het
pronkstuk van de deels 1200 jaar oude Domkerk. Een tweede, al even overdadig
gedecoreerde schrijn, herbergt relikwieën, waaronder een vermoedelijke
lendendoek van Christus. Elke zeven jaar trekken duizenden pelgrims naar Aken: 1
t/m 10 juni is het weer zover.
Onschatbaar kostbare kleinoden schitteren letterlijk in de Domschatzkammer (5).
Hier bevindt zich de grootste collectie kerkgoud ten noorden van de Alpen. De
tientallen, tot op de millimeter bewerkte edelmetalen beelden stammen veelal uit
de periode tussen 936 en 1531, toen 31 koningen in de Akense Dom zijn gekroond.
Indrukwekkend. Voor openingstijden van zowel kerk als schatkamer zie
aachendom.de.
WINKELEN
Aken is een warm bad voor fashionados. Werkelijk overal zijn kleding-,
schoenenen sieradenwinkels. In de Krämerstraße, beginnend bij de Puppenbrunnen
en uitkomend op het Marktplein, volgt etalage op etalage. Enkele betaalbare
sieradenwinkels, zoals Yucca en eFKay, zijn te vinden in de Kockerellstraße
(20). Dezibel in de Kleinkölnerstraße (15), is een hippe kledingzaak gerund door
een vriendelijk jong stel. Design T-shirts uitzoeken (vanaf 25 euro) onder het
genot van zelfgemixte platen.
Ook de minder modebewuste shopper kan in Aken z’n euro’s kwijt. Op de pittoreske
Fischmarkt (16) beginnen de Annastraße en de Schmiedstraße, vermaard om hun
antiquairs en kunsthandels.
UITGAAN
Je bent jong en je wilt wat? Dan op naar de Pontstraße, dé uitgaansstraat van
Aken. Terecht populair is een naamloos pleintje (13) aan het einde van de met
bars, café’s en restaurants volgepakte straat. De gangbaarste route: eerst
cocktails nippen in de verwarmde tent voor Loungebar Molkerei, dan kijken en
bekeken worden in de naburige Wohnbar om tenslotte de heupen in Latino-stijl los
te gooien in Café Madrid.
De ‘oudere jongere’ kan terecht in Theatro/ Tanzpalast (14). Hier geen joelende
studenten, maar de dansvloeractiviteit is er niet minder om. Café Domkeller (9)
is wat Akenaars een Dino-lokal noemen: een dinosauriërskroeg. De benaming heeft
gelukkig geen betrekking op de oude cliéntèle, maar op het feit dat de Domkeller
al eeuwen één van de leukste kroegen is.

 |