|
|
|
Dag 3
e gaan laat op pad, het weer is ook vamdaag eens slecht. We bezoeken twee kleinere musea, o.a. een streekmuseum en een soort patriciërshuis. Geld wisselen bij bank, Kaffee mit Kuchen in een soort Eduscho winkel (banketbakkerij met goede koffie). We zitten in het stadsparkje bij de bekende Elisenbrunnen (zie foto hieronder), nabij ligt ook het theater. Cd's kopen in het warenhuis Horsten, Clim is vooral tuk op goedkoop klassiek spul. ’s Avonds gaan we naar de film 'Donny Brasco' (met Al Pacino en Johnny Depp) en eten we lekker Grieks in de buurt van ons hotel.
HET GOTISCHE STADHUIS Na het verval en de verregaande afbraak van de Karolingische koningshal in de 13de eeuw, sloot de magistraat met keizer Lodewijk de Beier een akkoord over een nieuwbouw, waarvoor een dubbele functie voorzien was: de administratieve zetel van de vrije rijksstad én een feestzaal voor de grootste vieringen van het rijk, de kroningsfeestmalen. Toen het bouwwerk rond 1350 voltooid was, gold het als één van de schitterendste en stoutmoedigste prestaties van de niet-kerkelijke architectuur. De belangrijke humanist Enea Silvio Piccolomini, de latere paus Pius II, beschreef het in 1435 als "het voornaamste paleis van heel Duitsland". Op de fundamenten en binnen enkele resten van de buitenmuren van de palts ontstond, streng in west-oostelijke richting, een paleisgebouw met drie verdiepingen. De beide hoofdverdiepingen waren elk onderverdeeld in tien bijna vierkante vakken met kruisribgewelven. De nog uit de tijd van Karel de Grote stammende Granustoren werd met drie verdiepingen verhoogd en in het gebouw geïntegreerd. De gevel aan de noordkant was met 60 figuren versierd die gekleurd en gedeeltelijk verguld waren. De uitstraling van het bouwwerk op de tijdgenoten was zo indrukwekkend, dat het tot voorbeeld voor vele Vlaamse stadhuizen werd, bijvoorbeeld voor Antwerpen, Brugge en Gent. DE BAROKTIJD Bij de stadsbrand van 1656 werden de dakstoel en de torenhelmen van het stadhuis vernield. Al snel werd besloten, nieuwe en veel hogere torens in de toen "moderne" barokstijl te bouwen. Vanaf 1727 won de barok het ook voor de versiering van de façade. De kostbare figuren werden weggeslagen en door stucwerk vervangen. De binnenhuisdecoratie uit die periode is nu nog te zien in de Witte Zaal. De grote rijkszaal op de bovenverdieping werd in aparte kamers verdeeld en voor vele verschillende doeleinden gebruikt. DE REGOTISERING Toen in 1840 de grote romanticus Frederik Willem IV de troon van Pruisen besteeg, werd besloten de "keizerzaal" in haar historische pracht en dimensie te herstellen. Volgens de plannen van de stadsbouwmeester Friedrich Ark werd in het zuiden een trappentoren als prestigieuze ingang gebouwd. Ark herstelde ook de gotische vensterstructuur van de marktgevel. Alweer een brand vernielde in 1883 de barokke torens, die daarna in neogotische stijl heropgebouwd werden. Met de nieuwe figurendecoratie van de gevel werd de regotisering in 1901 afgesloten. VERNIELING EN HEROPBOUW In de jaren 1943/44 werd het stadhuis zwaar beschadigd door luchtaanvallen. In 1944, maar vooral vanaf 1946 werd met spoed aan de berging en vervolgens aan de heropbouw gewerkt. Al in 1950 kon in de provisorisch herstelde kroningszaal de eerste Internationale Karelsprijs verleend worden. Een jaar later keerden de stadsraad en de burgemeester aan hun historische plaats terug. Het hoofdportaal, het portaal van de westelijke toren en de vensters van de kroningszaal zijn van de hand van Ewald Matare. Zijn huidige vorm kreeg het stadhuis pas in 1979 met de door Leo Hugot ontworpen nieuwe torenhelmen. RATHAUS: HET TRAPPENHUIS VAN ARK Een neogotisch portaal uit zandsteen leidt naar het in 1840 gebouwde trappenhuis van Ark. De klim biedt zowel een grandioos uitzicht op de dom van Aken alsook de mogelijkheid om alles over de Internationale Karelsprijs en zijn prijsdragers te leren. Voor de kroningszaal valt onze blik op twee reusachtige schilderijen van Albert Bauer uit de jaren 1900/01. Links zweren de burgers van Aken voor keizer Frederik Barbarossa een stadsmuur op te trekken, rechts ontdekt de legendarische broer van keizer Nero, Granus Serenus, de warmwaterbronnen van Aken. Boven de ingang prijkt het monogram van Karel de Grote.
| |||||||||||